Home » Blog

Delftse Onderzoekers Leiden de weg met Na-ion Technologie

Delftse Onderzoekers Leiden de Weg met Na-ion Technologie

Een doorbraak in batterijtechnologie komt uit Delft, waar onderzoekers zich richten op het ontwikkelen van batterijen die sneller kunnen opladen, stabielere opslag bieden en vervaardigd zijn van duurzame en breed beschikbare materialen. Deze vormen een veelbelovend alternatief voor lithium-ion batterijen, die afhankelijk zijn van zeldzame materialen en een aanzienlijke CO2-voetafdruk hebben.

Een recent artikel in Nature Energy, geschreven door Marnix Wagemaker en Alexandros Vasileiadis in samenwerking met onderzoekers van de Chinese Academie of Sciences, benadrukt de verbeteringen in het snel opladen van Na-ion batterijen en de verfijningen aan de negatieve elektrode. Opvallend is dat deze elektrode vervaardigd kan worden uit organische materialen, waardoor de afhankelijkheid van zeldzame materialen die niet binnen Europa beschikbaar zijn, wordt verminderd.

De Delftse onderzoekers hebben niet alleen aan de negatieve elektrode gewerkt; ze hebben ook de kathode verbeterd en hierover gepubliceerd in Nature Sustainability. In het artikel “Fast-charge high-voltage layered cathodes for sodium-ion batteries” wordt de ontwikkeling van een nieuwe positieve elektrode besproken, gebaseerd op ontwerpprincipes die eerder in 2020 in Science zijn gepubliceerd onder de titel “Rational design of layered oxide materials for sodium-ion batteries”.

Vanuit deze ontwerpprincipes is een materiaal ontwikkeld dat het beste van twee mogelijke structuren combineert: een hoge energiedichtheid en snelladen. Bovendien blijkt het materiaal tijdens het laden en ontladen heel geleidelijk van structuur te veranderen, wat de levensduur verlengt. Een extra voordeel is dat het materiaal geen kobalt bevat, wat vaak wel aanwezig is in Li-ion kathodes.

Met de groeiende kennis over deze batterijmaterialen wordt de volgende fase van het derde Groeifondsproject duurzame batterijtechnologie voorbereid. Dit project richt zich niet alleen op het onderzoek naar Li-ion batterijen, maar omvat ook het onderzoek naar Na-ion batterijen op nationaal niveau. Hierdoor wordt het batterijonderzoek uitgebreid, wat uiteindelijk zal leiden tot de toepassing van deze technologie op zowel de nationale als de Europese markt.

Bezitters zonnepanelen kunnen geen langjarig contract meer afsluiten

Bezitters zonnepanelen kunnen geen langjarig contract meer afsluiten

Mensen die zonnepanelen op hun dak hebben geïnstalleerd, merken dat veel energieleveranciers niet langer meerjarige contracten met vaste prijzen aanbieden. Huishoudens zonder zonnepanelen behouden deze optie echter wel.

Bij twee van de bekende energieleveranciers, namelijk Essent en Eneco, is het momenteel niet mogelijk voor klanten met zonnepanelen om te kiezen voor een contract met drie jaar vaste tarieven. Deze optie is ook niet beschikbaar bij Oxxio en Energiedirect, hoewel éénjarige contracten nog steeds worden aangeboden.

Verandering van situatie
Recentelijk hebben bezitters van zonnepanelen te maken gehad met aanzienlijke veranderingen. Vandebron kondigde vorige maand aan dat ze een vergoeding zullen heffen bij klanten die overtollige energie terugleveren aan het net, wat vrijwel alle zonnepaneelbezitters doen, omdat ze op zonnige dagen niet altijd alle opgewekte stroom kunnen verbruiken.

Energieleveranciers worden geconfronteerd met aanzienlijke uitdagingen bij de verwerking van deze teruggeleverde zonne-energie. De onregelmatige toevoer van stroom van huishoudens naar het net maakt het moeilijk om het elektriciteitsnet in evenwicht te houden.

Wanneer er te veel energie wordt teruggeleverd, moet elders een energiecentrale worden uitgeschakeld of minder worden gebruikt, wat leidt tot extra kosten. Deze kosten worden aangeduid als onbalanskosten.

Schrapen van driejarige contracten
In plaats van deze kosten te verdelen over alle klanten, hebben sommige energieleveranciers, waaronder Vandebron, onlangs besloten om deze extra kosten door te berekenen aan mensen met zonnepanelen. Andere energiebedrijven lijken nu dezelfde koers te volgen door voorlopig geen driejarige contracten aan te bieden aan klanten met zonnepanelen. Een woordvoerder van Eneco verklaart: “Net als sommige andere aanbieders bieden wij tijdelijk geen vaste contracten van drie jaar aan huishoudens met zonnepanelen. Het is nog niet duidelijk hoe we de toenemende kosten zullen verdelen, dat wordt momenteel onderzocht.”

Essent kampt met dezelfde problematiek, zoals aangegeven door hun woordvoerder: “Het is vervelend, maar momenteel is het te onzeker om langetermijnzekerheid te bieden aan mensen met zonnepanelen.”

Terugleververgoeding
Het volgende probleem betreft de vergoeding die klanten ontvangen wanneer ze gedurende een jaar meer energie terugleveren aan het net dan ze verbruiken. Dit wordt salderen genoemd. Voor de resterende hoeveelheid stroom krijgen ze een terugleververgoeding.

Het issue voor Essent is dat deze vergoeding doorgaans hoger is dan de stroomprijs op het moment van daadwerkelijke teruglevering. Wanneer veel mensen tegelijkertijd zonne-energie aan het net terugleveren, daalt de stroomprijs, wat extra kosten met zich meebrengt. Deze kosten worden momenteel verdeeld over alle klanten, inclusief degenen zonder zonnepanelen.

Moeilijk te voorspellen
Aangezien het zeer lastig is om op lange termijn te voorspellen hoeveel zonne-energie (en windenergie) er aan het net zal worden geleverd, en hoe vaak energieleveranciers geconfronteerd zullen worden met extreem lage of zelfs negatieve stroomprijzen, kan Essent momenteel geen garantie bieden voor contracten met een looptijd langer dan een jaar.

Het is nog niet duidelijk hoelang het zal duren voordat Essent weer meerjarige contracten voor zonnepaneelbezitters zal aanbieden. Vattenfall, de grootste energieleverancier in Nederland, heeft momenteel geen plannen om meerjarige contracten te beperken voor huishoudens met zonnepanelen, volgens een woordvoerder. Echter, ook dit bedrijf erkent het probleem van stijgende kosten en onderzoekt manieren om deze kosten eerlijk te verdelen.

Waterstof

Waterstof

Wat is waterstof?

Waterstof is een chemische stof met het symbool H en het atoomnummer 1. Het is de lichtste en meest voorkomende elementaire stof in het universum. Waterstof is een brandbaar gas dat bij normale temperaturen en drukken een kleurloze, licht ontvlambare gas is. Het kan worden gebruikt als brandstof voor brandstofcellen en kan ook worden gebruikt als grondstof voor de productie van chemische stoffen zoals ammoniak en methanol.

Hoe werkt waterstof?

Waterstof kan worden gebruikt als brandstof voor brandstofcellen, die elektriciteit opwekken door waterstof en zuurstof te combineren in een chemische reactie. De elektriciteit die wordt opgewekt kan worden gebruikt om allerlei soorten apparaten te voeden, van elektrische auto’s tot huishoudelijke apparaten.

Wat is de toekomst van waterstof

De toekomst van waterstof als brandstof hangt af van verschillende factoren. Waterstof is een schone en efficiënte brandstof die kan worden gebruikt om elektriciteit op te wekken met behulp van brandstofcellen. Dit maakt waterstof een aantrekkelijk alternatief voor fossiele brandstoffen zoals olie en gas. Waterstof kan ook worden gebruikt als opslagmedium voor energie uit hernieuwbare bronnen, zoals zon en wind.

Wat zijn de voordelen van waterstof

Er zijn verschillende voordelen aan het gebruik van waterstof als brandstof. Waterstof is schoon en duurzaam, omdat het alleen waterdamp als afvalproduct produceert. Bovendien is waterstof een zeer efficiënte brandstof, omdat het een hoge energiedichtheid heeft en gemakkelijk kan worden opgeslagen en vervoerd. Dit maakt waterstof een aantrekkelijk alternatief voor fossiele brandstoffen.

Wat zijn de nadelen van waterstof?


Er zijn ook enkele nadelen aan het gebruik van waterstof als brandstof. Ten eerste is het moeilijk en duur om waterstof te produceren, vooral als het moet worden gemaakt uit hernieuwbare bronnen. Bovendien is waterstof een brandbaar gas, wat betekent dat er voorzorgsmaatregelen genomen moeten worden om brandgevaar te voorkomen. Ten slotte kan waterstof explosief zijn als het in grote hoeveelheden wordt opgeslagen, wat extra veiligheidsmaatregelen vereist.

Is waterstof goedkoop of duur?

De prijs van waterstof kan sterk variëren, afhankelijk van hoe het wordt geproduceerd. Waterstof gemaakt uit fossiele brandstoffen zoals aardgas is goedkoper om te produceren dan waterstof gemaakt uit hernieuwbare bronnen zoals water. Bovendien kunnen de kosten van waterstofproductie afnemen als de technologie verbetert en de productie op grote schaal mogelijk wordt. In het algemeen is waterstof echter duurder om te produceren dan fossiele brandstoffen.

Is waterstof veilig?

Waterstof is een brandbaar gas, wat betekent dat er voorzorgsmaatregelen genomen moeten worden om brandgevaar te voorkomen. Als waterstof op de juiste manier wordt opgeslagen en gebruikt, is het echter veilig. Er zijn verschillende technologieën ontwikkeld om waterstof veilig te transporteren en opslaan, zoals speciaal ontworpen tanks en leidingen. Bovendien is waterstof minder explosief dan sommige andere brandbare gassen, zoals propaan. In het algemeen is waterstof veilig als er voldoende veiligheidsmaatregelen worden genomen.

Elk huishouden krijgt in november en december 190 euro

Elk huishouden krijgt in november en december 190 euro

Vanaf 1 januari lagere energierekening door verruimd prijsplafond

Vanaf 1 januari 2023 geldt een prijsplafond op energie voor alle huishoudens en andere kleinverbruikers. Voor gas wordt het maximale tarief € 1,45 per kuub tot een verbruik van 1.200 kuub. Voor elektriciteit wordt het maximale tarief verlaagd tot € 0,40 per KWh en het maximale verbruik verhoogd tot 2.900 kWh. Voor het energieverbruik boven het plafond betalen huishoudens en andere kleinverbruikers het tarief zoals opgenomen in het energiecontract. Voor november en december ontvangen huishoudens een vaste korting op de energierekening van € 190 per maand.

Voordeliger plafond elektriciteit

Het kabinet heeft bij de uitwerking van het tijdelijke prijsplafond besloten dat het maximumtarief voor elektriciteit wordt verlaagd tot € 0,40 per kWh. Dat was eerder € 0,70. Daarnaast wordt het elektriciteitsverbruik dat onder het prijsplafond valt verhoogd van 2.400 kWh tot 2.900 kWh. Dat betekent dat een groter deel van het elektriciteitsverbruik onder het plafond valt en dat huishoudens en andere kleinverbruikers daar minder voor betalen. Met deze invulling blijft de prikkel om energie te besparen bestaan en sluit het plafond beter aan bij huishoudens die verwarmen met een (hybride) warmtepomp en daardoor meer elektriciteit en minder gas gebruiken.

De maximumtarieven van het prijsplafond betreffen de variabele leveringstarieven, inclusief energiebelasting en btw. Een huishouden met een gemiddeld verbruik heeft in 2023 in totaal zo’n € 2.500 voordeel van het prijsplafond. In 2021 was het gemiddelde verbruik van een huishouden 1.200 m3 gas en 2.460 kWh elektriciteit (CBS).

Kleinverbruikers

Het prijsplafond zal gelden voor alle kleinverbruikers. Naast huishoudens gaat het om zzp’ers, winkels, verenigingen, kleine maatschappelijke organisaties en een deel van het kleine mkb. Het kabinet gaat daarnaast een gerichte compensatieregeling uitwerken voor het energie-intensieve mkb.

Warmte

Ook huishoudens die zijn aangesloten op een warmtenet gaan profiteren van het prijsplafond. Het tarief wordt gekoppeld aan het prijsplafond voor gas en wordt € 47,39 per gigajoule warmte. Tot welk verbruik het prijsplafond geldt en de uitvoering van het plafond voor warmtenetten wordt de komende tijd verder uitgewerkt. Omdat het prijsplafond niet goed aansluit bij huishoudens die gebruik maken van blokverwarming, waarbij meerdere huishoudens achter 1 aansluiting zitten, onderzoekt het kabinet ook of er alternatieve mogelijkheden zijn om hen in dezelfde mate te ondersteunen.

Vaste korting in november en december

Het prijsplafond wordt op 1 januari 2023 ingevoerd. Om huishoudens begin deze winter al te helpen ontvangen huishoudens en andere kleinverbruikers in november en december een vaste korting van € 190 per maand op de energierekening. Deze compensatie is voor alle kleinverbruikers hetzelfde en wordt verrekend via de energieleveranciers.

Subsidie voor energieleveranciers

De energieleveranciers ontvangen een vergoeding voor het energieverbruik dat onder het plafond valt. Deze vergoeding wordt volledig ingezet om de energieprijzen voor de consument en andere kleinverbruikers te verlagen. Hierdoor komt de steun terecht bij de huishoudens en andere kleinverbruikers en voorkomt het kabinet dat energieleveranciers zelf in financiële problemen komen door de uitvoering van het plafond. De totale kosten zijn afhankelijk van de ontwikkeling van de energieprijzen. Als de energieprijzen op een vergelijkbaar niveau blijven worden de totale kosten van het prijsplafond en de tegemoetkoming in november en december geschat op zo’n € 23,5 miljard.

Minister Jetten voor Klimaat en Energie: “Steeds meer mensen en bedrijven worden geraakt door de ongekend hoge energieprijzen. Met een prijsplafond helpen we om de lasten te verlichten en hebben mensen meer zekerheid. We hebben bij de uitwerking van het prijsplafond ook rekening gehouden met huishoudens die verwarmen met een (hybride) warmtepomp of zijn aangesloten op een warmtenet. Daarom gaat het verbruiksplafond voor elektriciteit omhoog en het tarief omlaag, en komt er een prijsplafond voor warmtenetten. Dankzij de grote inzet van de energieleveranciers kan het prijsplafond al per 1 januari worden ingevoerd.”

Hr-ketels verkopen beter dan warmtepompen, ondanks klimaatdoelstellingen

Hr-ketels verkopen beter dan warmtepompen, ondanks klimaatdoelstellingen

De groei in de verkoop van duurzame verwarmingsmethoden zoals warmtepompen vlakt af. Traditionele hr-ketels vinden nog steeds gretig aftrek en bij nieuwbouwwoningen is het aandeel hr-ketels zelfs fors toegenomen.

Dat is volgens milieuorganisatie Natuur & Milieu een probleem, want de overheid wil dat Nederland in 2050 volledig aardgasvrij is. De nieuwste cijfers over de verkoop van verwarmingsapparaten komen uit een rapport van Natuur & Milieu en netwerkbedrijven Stedin en Alliander.

Natuur & Millieu-directeur Marjolein Demmers noemt de cijfers opmerkelijk. “We moeten juist van het aardgas af”, zegt zij. “De verkoop van duurzame alternatieven moet dus omhoog, die van hr-ketels zo snel mogelijk omlaag. Alleen zo kunnen we aan de klimaatdoelstellingen van het kabinet voldoen.”

Volgens de cijfers ging de verkoop van warmtepompen vorig jaar met 15 procent vooruit, naar 84.832. Een jaar eerder was nog sprake van een verkoopgroei van 44 procent.

De verkoop van hr-ketels daalde in 2016, maar steeg in 2017 weer met 3 procent, tot 425.000 stuks.

Bij nieuwbouwhuizen stijgt de verkoop van hr-ketels zelfs explosief, blijkt uit de cijfers. In 2014 kreeg 51 procent van de nieuwbouwwoningen een hr-ketel, in 2016 was dit 75 procent. Een hr-ketel gaat gemiddeld zo’n vijftien jaar mee. Dit betekent volgens de onderzoekers dat tot 2031 drie kwart van de nieuwbouwwoningen uit 2016 aan het gas vastzit.

Koken op gas raakt overigens wel uit. Vooral elektrische inbouwkookplaten zijn populair. De verkoop hiervan stijgt, ten koste van gaskookplaten.

Zonnepanelen als dakpannen

Zonnepanelen als dakpannen

Wilt u mee zijn met de toekomst en genieten van gratis zonne-energie? Dan laat u zonnepanelen leggen die in uw dakpannen ingewerkt zijn. Ze worden nog vaak geïnstalleerd: fotovoltaïsche installaties die uitsteken boven het dak. Maar zulke installaties zijn gedoemd om te verdwijnen.

Dakpan en zonnecel in één

Tegenwoordig bestaan er nieuwe, esthetischere manieren om uw dak uit te rusten met zonnepanelen. Zo worden steeds vaker geïntegreerde fotovoltaïsche cellen gebruikt, wat eigenlijk neerkomt op dakpannen die bedekt zijn met zonnecellen. Een andere methode is de zonnepanelen als een vlak tussen de dakpannen te leggen. In Frankrijk zijn al heel wat daken uitgerust met gëintegreerde zonnepanelen. Volledige daken worden er voorzien van zonnepanelen, zonder ook maar één echte dakpan. Toch wordt er best een strook gewone dakpannen aangelegd aan de rand van het dak, om kieren en dus tocht- en regeninstroom te vermijden.

Zonnepanelen met stekker…

Hoger rendement als dakpan

Niet alleen ogen zonnepanelen die in het dak ingewerkt zitten veel mooier. Doordat ze gebruikmaken van de nieuwste technologie, halen ze een nog hoger rendement dan de gewone zonnepanelen. In een goede 7 à 10 jaar verdient u de investering terug. Aangezien fotovoltaïsche installaties zo’n 30 jaar meegaan, kunt u dus 20 jaar lang genieten van gratis energie.

Het rendement hangt ook af van de soort zonnecellen die u kiest. Zo halen kristallijne panelen een hoger rendement dan amorfe. Monokristallijne installaties zetten 15 tot 18% van het zonlicht om in stroom, polykristallijne 12 tot 15% en amorfe nauwelijks 6 tot 8%. Wel zijn de amorfe een stuk goedkoper dan kristallijne panelen.

econsument zonnepanelen als dakpan op dak

Onderzoek wijst uit dat elektrisch rijden echt schoner is

Onderzoek wijst uit dat elektrisch rijden echt schoner is

Critici vinden elektrisch rijden helemaal niet beter voor milieu. Bij het productieproces van accupakketten komt relatief veel CO2 vrij en rijden op stroom die afkomstig is van kolencentrales zorgt ook voor vervuiling. Toch is elektrisch rijden vaak schoner, blijkt uit onderzoek.

Het onderzoek in kwestie is een zogeheten life cycle assessment (LCA). De onderzoekers kijken dan naar de milieu-impact van een voertuig van productiestart tot aan het einde van de levensduur en niet alleen naar het het gebruik van de auto.

Het onderzoek komt uit de koker van Green NCAP, een organisatie die zich inzet voor het bevorderen van schone auto’s en het verbeteren van de luchtkwaliteit. De onderzoeksmethode is van het Oostenrijkse onderzoeksinstituut Joanneum Research en gevalideerd door het Zwitserse Paul Scherrer Institute.

Green NCAP is voor zijn berekeningen voor de geschatte uitstoot van broeikasgassen gedurende de levensduur van een voertuig uitgegaan van een periode van zestien jaar en een uiteindelijke tellerstand van 240.000 kilometer. In totaal zijn gedurende twee jaar 61 recente modellen onder de loep genomen, variërend van stadsauto tot aan personenbus. Wat niet is meegewogen, zijn milieueffecten als stikstofoxide en fijnstof.

Gemeenten gaan experimenteren met hybride warmtepomp

Gemeenten gaan experimenteren met hybride warmtepomp

Veertien nieuwe proefgemeenten, die gaan experimenteren met het van het aardgas af halen van woningen, kiezen er vooral voor om dat in stappen te doen. De meeste gemeenten willen hiervoor de hybride warmtepomp inzetten in combinatie met isolatie van woningen. Later moeten de huizen dan nog energiezuiniger worden gemaakt, zodat ze helemaal van het gas kunnen.

Minister Hugo de Jonge voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft de nieuwe proefgemeenten vandaag aangewezen. Het gaat om Almelo, Barneveld, Coevorden, De Bilt, Eindhoven, Enkhuizen, Haarlem, Leeuwarden, Leusden, Peel en Maas, Schiermonnikoog, Súdwest-Fryslân, Vlissingen en Westerkwartier. Het is de bedoeling dat andere gemeenten van deze projecten kunnen leren.

Een hybride warmtepomp verwarmt het huis in principe op elektriciteit. Maar als het te koud wordt, gebruikt de installatie ook gas om bij te verwarmen. Het gasverbruik is echter veel lager dan bij een gewone cv-ketel.

Uit eerdere proeven is gebleken dat vooral oudere huizen moeilijk in een keer van het gas af kunnen. De kosten zijn dan vaak te hoog. Daarom is er voor de derde en laatste ronde proefprojecten gekozen om vooral te kijken naar gemeenten die stapsgewijs van het gas af willen. Voor de 14 gemeenten is 50 miljoen euro subsidie beschikbaar. Dat geld kan worden gebruikt om de onrendabele top van de kosten te financieren. 

Om de uitstoot van CO2 terug te dringen wil het kabinet dat in 2050 alle woningen van het aardgas zijn. In plaats daarvan moeten de huizen worden aangesloten op duurzamer energiebronnen. Dat kan elektriciteit zijn, opgewekt door zonnepanelen en windmolens, of bijvoorbeeld een warmtenet, dat restwarmte van industrie of een centrale naar woningen brengt. In 2030 moeten al 1,5 miljoen woningen van het gas zijn.

Voor het eerst meer stroom opgewekt met zonnepanelen en windturbines dan verbruikt

Levering zonnepanelen stagneert door tekort aan omvormers

Voor het eerst is er in Nederland een groot deel van de dag meer elektriciteit opgewekt met zonnepanelen en windturbines dan er is verbruikt. Door de kracht van de zon en vooral de wind bereikte de productie van zon- en windenergie vandaag enige tijd ruim 15.000 megawatt, meer dan 100 procent van het totale stroomverbruik van dat moment.

Tussen ongeveer 11.00 en 16.30 uur was de elektriciteitsproductie hoger dan het verbruik. Daardoor ontstond een unieke situatie: voor het eerst zakte de stroomprijs zo ver onder 0 dat sommige mensen betaald kregen om stroom te gebruiken.

Energiebedrijf Zonneplan berekende gisteren al op basis van modellen dat een kilowattuur op het hoogtepunt, tussen 12.00 en 15.00 uur, -0,18 euro zou kosten, inclusief belasting.

Gratis stroom
Stroom was dus een aantal uren gratis. Sommige gebruikers kregen zelfs geld toe als ze de stekker in het stopcontact staken. Daarvoor moest je dan wel een ‘dynamisch’ contract hebben. De meeste Nederlanders hebben een energiecontract met een vaste prijs, waardoor zij niet konden profiteren van de situatie.

Het is eerder voorgekomen dat de inkoopprijs van stroom negatief was, maar door de energiebelasting en de opslag duurzame energie bleef de prijs voor de consument altijd boven de 0 euro. Vandaag werd er zoveel wind- en zonnestroom opgewekt dat de prijzen onder de 0 bleven.

‘Goede dag voor het milieu’
Behalve in Nederland waren in Europa alleen in België de stroomprijzen grotendeels negatief. Daar zakte de prijs minder ver onder de 0. “Dit geldt alleen in Nederland en België, omdat we hier veel zonnepanelen hebben”, zegt Martien Visser, lector energietransitie aan de Hanzehogeschool. “In Duitsland zijn bijvoorbeeld meer kerncentrales, die je niet even uit kunt zetten. De kolencentrales in Nederland zijn vandaag wel uitgezet, net als de meeste gascentrales. De energiecentrales produceren dagelijks ongeveer 25 procent van de CO2-uitstoot in Nederland, dus een dag als vandaag is goed voor het milieu.”

Een deel van het overschot aan stroom wordt geëxporteerd, maar niet alles. “Het netwerk kan niet het volledige overschot exporteren, de grenskabels kunnen dat ook nog niet aan.”

Overigens was de unieke situatie niet voor iedereen goed nieuws, zegt Visser. “Er zijn ook mensen die vandaag geen geld krijgen voor hun zonnepanelen-opbrengst, omdat de omvormers uitvielen. Dat gebeurt als het netwerk overbelast dreigt te raken. Woon je in een wijk waar veel zonnepanelen op de daken liggen, dan kun je pech hebben juist vandaag niets te verdienen.”

Levering zonnepanelen stagneert door tekort aan omvormers

Levering zonnepanelen stagneert door tekort aan omvormers

Huishoudens die zonnepanelen op hun dak willen, moeten geduld hebben. Door een tekort aan omvormers is de wachttijd lang. Zonnepaneelleveranciers kunnen de grote vraag niet aan en moeten soms hun prijs verhogen.

Bedrijven die zonnepanelen installeren, hebben momenteel goud in handen vanwege de hoge energieprijs. Nederlandse huishoudens investeren in groten getale in gratis stroom, omdat fossiele brandstoffen zo duur zijn geworden.

Nederland is mede dankzij de salderingsregeling (je mag de stroomopbrengst wegstrepen tegen het verbruik) de snelstgroeiende markt van Europa. Het aantal huizen met zonnepanelen op het dak groeit richting de 2 miljoen, dat is bijna een op de vier woningen.

Omvormers essentieel
De vraag was al hoog, maar die is dankzij de structureel hoge energieprijzen verder gestegen”, zegt marktonderzoeker Steven Heshusius van Dutch New Energy Research. Normaal gesproken is er een seizoenseffect als de zon in het voorjaar meer gaat schijnen, maar de vraag is nu echt geëxplodeerd. Er lijken genoeg zonnepanelen te zijn, maar de aanvoer van omvormers is een probleem, omdat daar chips in zitten die regelen dat de stroom van het zonnepaneel wordt omgevormd naar de stroom die uit het stopcontact komt. De grondstoffen voor chips zijn schaars en dan ontstaat er een tekort.”

Het resulteert in langere wachttijden voor consumenten. ,,De afgelopen jaren konden wij zonnepanelen binnen zes weken na aanvraag installeren”, zegt Maartje van Engelen van leverancier Sungevity. ,,Bij een normaal zonnepanelensysteem dat niet met schaduwvorming te maken heeft, is dat nu tien weken. Systemen met omvormers per paneel leggen we nu pas na veertien weken. We hoeven geen hogere prijzen te rekenen, maar informeren onze klanten wel over de langere wachttijden.”